Ga naar hoofdinhoud

6 november jongstleden mocht ik namens OCA ’s middags workshops verzorgen. Hier vertel ik jullie graag meer over in dit uitgebreide verslag. Zo heb je, ook als je niet aanwezig was, het gevoel er een beetje bij geweest te zijn en de workshop mee hebt kunnen doen.

Een korte introductie

Inmiddels werk ik al 11 jaar in de revalidatiezorg voor mensen met chronische pijn en chronische vermoeidheid. Ik doe dat bij OCA. OCA is een organisatie met 17 vestigingen in Nederland waar multidisciplinaire behandeling plaatsvindt. Een team met een fysiotherapeut, psycholoog, ergotherapeut en revalidatiearts staan om een patiënt heen, en zoeken samen naar mogelijkheden om de kwaliteit van leven te verbeteren ondanks de klachten. Het is elke keer weer een persoonlijke puzzel om in kaart te brengen waar iemand zelf weer de regie op zijn leven kan pakken, in plaats van dat de pijn de regie heeft.

Iedereen die bij ons komt herkent dat pijn nooit 24/7 op hetzelfde level zit. Zo doe je op goede dagen makkelijk teveel, en zo lig je op slechte dagen voor pampus en heb je spijt van de dag ervoor. We noemen dit het zaagtandpatroon. Doorgaan totdat je niet meer kunt, dan rusten totdat je weer iets kan, dan weer doorgaan totdat je niet meer kan etc. In de revalidatie proberen we dit te doorbreken middels ‘Graded Activity’ (het stapsgewijs opvoeren van activiteiten in tijd, aantal of zwaarte). Verder geven wij pijneducatie. Dit helpt om inzicht te hebben in chronische pijn, niet te vergelijken met acute pijn die het alarmsysteem ontregelt. Als je pijn hebt is ontspanning heel belangrijk, maar door de pijn is ontspannen juist heel moeilijk.

Tot slot is het wezenlijk om doelen te stellen waarbij de kwaliteit van leven toeneemt. Dat doen we samen zodat er een heel persoonlijk behandelplan wordt gemaakt. Het is goed om te weten dat er in ieder OCA centrum een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek plaatsvindt, zodat je altijd eerst op onderzoek uit kan gaan of het wel bij je past.

De workshops

Tijdens de OCA workshop, die na de lunch werd gehouden, koos ik ervoor om de deelnemers in tweetallen een oefening te laten doen. Deze oefening had als doel om enerzijds te oefenen in het stellen van open vragen zonder oordeel (Socratische vragen) en anderzijds om inzicht te krijgen in jezelf, wanneer het contact met anderen je onnodig veel energie kost. Als je namelijk pijn hebt kun je je energie wel beter gebruiken en stress maakt de pijn alleen maar erger.

De oefening ging zo:

  • Zet in het midden van het papier je naam met een grote cirkel eromheen.
  • Zet daar omheen alle omgevingsfactoren: mensen, groepjes, clubs, instanties etc. die invloed op jou hebben. Voorbeelden zijn relatie, gezin, familie, schoolfamilie, ex, baan, sportvereniging, vriendinnenclub, UWV, ziekenhuis etc. Omcirkel deze.
  • Zet vervolgens bij ieder ballonnetje een plus of een min: kost het je energie of geeft het je energie?
  • Daarna mag je de plus of min nuanceren middels een percentage. Bijvoorbeeld: stel je gezin geeft je energie, maar kost je ook energie dus zeg je 70+ en 30-
  • Ga op die manier alle ballonnetjes langs.

Vervolgens vormde je een tweetal met een onbekende; even niet met partner of kind. De bedoeling is om open, geïnteresseerde vragen te stellen, zodat het voor de ander duidelijk wordt wat het dan precies is wat jou zoveel energie kost. En ook om erachter te komen of er een grote gemene deler is bij de plussen en bij de minnen. Dit hebben we klassikaal doorgenomen. De grote gemene deler in dat wat energie kost bleek met name: negativiteit, niet jezelf kunnen zijn, moeite met grenzen aangeven, de ander die de aandacht trekt, stress etc.

Tenslotte heb ik gevraagd wat je nodig hebt om ervoor te zorgen dat je niet zoveel energie lekt. Dat je in contact met een ander beter voor jezelf zorgt, beter je grens aangeeft en beter je behoefte uitspreekt. Daar heb ik een handvat voor gegeven met als uitgangspunt dichtbij jezelf te blijven en te zorgen dat je je niet door de ander uit je kracht laat halen.

De belangrijkste conclusies zijn:

  • Praat in de ik-vorm over wat het met je doet.
  • Doe dit zonder oordeel (ook niet door te zuchten of met je ogen te rollen).
  • Spreek tot slot je behoefte uit.

Beide workshops werden goed ontvangen, het was voor sommige deelnemers echt een eyeopener en het gaf handvatten om direct mee aan de slag te gaan.

Ik wens iedereen van harte dat ze goed voor zichzelf zorgen, of je nu zelf SCCH hebt, of dat je een dierbare bent. Houd de communicatie open en zonder oordeel. Dan kun je oprecht voelen: SCCH heb je niet alleen!

www.oca.nl

Back To Top